Boodschap Veertigdagentijd: ‘God staat op de uitkijk’

Kardinaal Eijk heeft een boodschap gepubliceerd voor de Veertigdagentijd die op Aswoensdag (18 februari) is begonnen. De aartsbisschop van Utrecht schrijft in zijn Vastenboodschap (getiteld ‘God staat op de uitkijk’) dat het niet eenvoudig is om ons los te maken van de wereldse aantrekkingskracht. “De Veertigdagentijd, die dit jaar vroeg is gestart, is een uitgelezen kans om een inwendige voorjaarsschoonmaak te houden,” aldus kardinaal Eijk.
Kardinaal Eijk: “Welke goede voornemens moeten afgestoft worden? Welke mentale rommel die onze opgang tot God in de weg staat wacht nog om opgeruimd te worden? En vooral: waarmee moeten we hoognodig in het reine komen om onze band met God en de medemens te zuiveren?” Het is volgens kardinaal Eijk cruciaal om die laatste vraag eerlijk te beantwoorden, wil de Veertigdagentijd als voorbereiding op Pasen optimaal vrucht kunnen dragen. “Welke misstappen hebben we in de afgelopen weken (of maanden of misschien zelfs jaren) onder het tapijt van ons geweten geveegd en liggen daar te wachten tot we ze echt opruimen?”
Rein worden betekent onder meer dat we verantwoordelijkheid nemen voor onze fouten, onze zonden onder ogen durven zien en een beroep willen doen op Gods barmhartigheid, zo schrijft kardinaal Eijk. “Daartoe heeft Christus ons iets nagelaten: het sacrament van boete en verzoening (de biecht). Dit kostbare geschenk biedt ons mensen de kans om werkelijk schoon schip te maken en de blokkades tussen ons en God en tussen ons en onze medemensen weg te nemen.”
Kardinaal Eijk: “Om het sacrament van boete en verzoening te ontvangen, moet je een drempel over – zeker de eerste keer. Maar de parabel van de verloren zoon laat ons zien dat uiteindelijk niet wij de eerste stap hoeven te zetten, dat heeft God al gedaan. Hij staat op de uitkijk, klaar om ons in de armen te sluiten. Dat horen we ook aan het begin van de viering van Aswoensdag: ‘Heer, Gij zijt vol ontferming voor allen en hebt geen afkeer van wat Gij hebt gemaakt; Gij sluit uw ogen voor de zonden van de mensen om hen tot bekering te brengen. Gij spaart hen, want Gij zijt de Heer onze God’ (Wijsh. 11, 24-25,27).”
Het ontvangen van het sacrament van boete en verzoening is geen eindpunt, benadrukt kardinaal Eijk in zijn boodschap. “Het biedt ons de kans op een nieuwe start, een ijkpunt waarop we ons gedrag naar God en onze medemens moeten baseren – handelen vanuit liefde. Liefde moet het eerste en het laatste woord hebben en die woorden moeten we in daden omzetten.”
Lees hier de gehele boodschap voor de Veertigdagentijd van kardinaal Eijk
Foto: Fleur Wiersma